small_banner
curve
text

Kantoor gesloten

 

Donderdag 14 september 2017 is ons kantoor de hele dag gesloten. We zijn niet telefonisch of per mail bereikbaar in verband met de installatie van een nieuw computersysteem.
Vrijdag 15 september 2017 vanaf 8.30 uur hopen we u weer van dienst te kunnen zijn.

Parkeren

 

U kunt parkeren in de parkeergarage, met 180 gratis parkeerplaatsen. Ingang aan de Parkweg. Slechts enkele minuten loopafstand van ons kantoor.

Informatiebijeenkomst over De Zorg en uw Vermogen anno nu.

 

Op 1 januari 2015 is het organiseren van de zorg veranderd. De Wet langdurige zorg (Wlz), voorheen AWBZ, en de Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) zijn nu van toepassing en kunnen voor u gevolgen hebben.

Uw vermogen, bijvoorbeeld uw woning of uw banktegoeden spelen een belangrijke rol bij het berekenen van uw eigen bijdrage voor de zorg. Het inkomen van twee kalenderjaren voorafgaand aan het jaar waarin aanspraak wordt gemaakt op Wlz wordt gebruikt voor de berekening.
Dus handel nu en kom naar de informatiebijeenkomst op dinsdag 15 september 2015 om 20.00 uur in het Kulturhus Eper Gemeentewoning aan de Stationsstraat 25 in Epe.
Wij geven u deze avond een overzicht van de mogelijkheden uw eigen bijdrage aan de zorg te verlagen. Daarbij kunt u denken aan:
– het doen van schenkingen;
– erfdelen aan de kinderen uitkeren;
– het opmaken of wijzigen van een testament of een levenstestament.

Voor informatie en aanmelden voor deze avond kunt u contact opnemen met ons kantoor.

2% of 6% Overdrachtsbelasting voor stukje grond bij woning?

 

Zoals u weet geldt bij de verkrijging van een woning sinds een paar jaar een tarief van 2% voor de overdrachtsbelasting. Bij de verkrijging van alle andere onroerende zaken is 6% overdrachtsbelasting verschuldigd.

 

Het verlaagde tarief voor de overdrachtsbelasting van 2% geldt niet alleen voor woningen maar ook voor  “aanhorigheden”. Dit zijn zaken die tot de woning behoren. Is er sprake van een “aanhorigheid”, dan kan ook voor dit gedeelte het voordelige tarief van 2 % worden toegepast. Een “aanhorigheid” is bijvoorbeeld de garage of de naast de woning liggende (groente-) tuin.

 

Vermogenstoets AWBZ: ook uit uw spaartegoed en eigenwoningbezit gaat u bijdragen aan de AWBZ

 

 

Vermogenstoets

Vanaf 1 januari 2013 geldt voor de eigen bijdrage aan de AWBZ ook een vermogenstoets.

Tot 1 januari 2013 gold alleen een inkomenstoets

Het verblijf in een zorginstelling kost geld. Dat geld wordt betaald vanuit een volksverzekering, de AWBZ. Er is een eigen bijdrage verschuldigd. De eigen bijdrage werd tot 1 januari 2013 vastgesteld uitsluitend op basis van het inkomen, zoals AOW, pensioen en de rente-inkomsten uit spaartegoeden.

Vanaf 1 januari 2013 geldt ook een vermogenstoets

Vanaf 1 januari 2013 wordt naast het inkomen ook het vermogen betrokken bij het vaststellen van de eigen bijdrage.
Hieronder volgt een voorbeeld.
Iemand die verblijft in een zorginstelling heeft als inkomen uitsluitend AOW. Van de AOW wordt het grootste gedeelte gebruikt voor de eigen bijdrage. Daarnaast heeft hij een tegoed op een spaarrekening van €.101.000,00. Dat spaartegoed geldt als vermogen. Van het spaartegoed wordt een gedeelte van ongeveer €.21.000,00 niet meegeteld. Van het resterende bedrag moet per jaar 8% als eigen bijdrage worden betaald. In het eerste jaar is dat resterende bedrag €.80.000,00. Daarvan wordt 8%, dat is €.6.400,00, aangewend voor de eigen bijdrage.
Er is een maximum: de totale eigen bijdrage is nooit meer dan €.26.270,00 per jaar.

De woning

Een complicatie treedt op wanneer het vermogen bestaat uit een te koop staande of verhuurde woning. De waarde van die woning geldt als vermogen, dus de 8%-regel is daarop van toepassing. Het probleem is dat die waarde niet beschikbaar is in de vorm van geld waarmee de eigen bijdrage kan worden betaald.

Wat te doen?

De effecten van het vorenstaande kunnen deels worden voorkomen door:

  • te zorgen voor een langstlevende-testament dat is toegesneden op deze nieuwe situatie
  • het overdragen van vermogen aan uw (klein)kinderen, bij voorbeeld in de vorm van het erkennen van een schuld aan de (klein)kinderen, ook wel “papieren schenking” genoemd
  • het alsnog aanpassen van de opeisingsgronden in situaties waar sprake is van een langstlevende ouder die een schuld heeft aan de kinderen uit hoofde van het erfdeel van de overleden partner.

 

Zonder toestemming 1e bank geen 2e hypotheek!

 

Recent heeft het Gerechtshof Amsterdam een (tucht)uitspraak gedaan in een zaak tegen een notaris die grote gevolgen heeft voor de praktijk.
Hieronder volgt het bericht van de KNB (onze beroepsorganisatie) daarover:

Notaris moet dienst weigeren als toestemming eerste hypotheekhouder ontbreekt.

08 februari 2012

Een notaris moet dienst weigeren wanneer zijn cliënt weigert toestemming te vragen aan de eerste hypotheekhouder om een tweede hypotheek te
vestigen. Dat concludeert de KNB uit een uitspraak (zie bijlage) van het Hof Amsterdam van 27 december 2011.

De uitspraak van het hof is een belangrijke wijziging van een bestaande notariële praktijk. Het hof baseert zijn oordeel op een passage in de parlementaire geschiedenis waarin de toenmalige staatssecretaris van Justitie heeft gezegd dat een notaris zich terughoudend moet opstellen bij conflicterende (leverings)rechten. De uitspraak betekent volgens de KNB dat een notaris in principe zijn dienst moet weigeren wanneer toestemming van de eerste hypotheekhouder ontbreekt. 

Actie KNB 

De KNB is naar aanleiding van deze uitspraak in overleg getreden met de Nederlandse Vereniging van Banken en kijkt of het nodig is nog met andere instantie in overleg te treden. Het bestuur van de KNB beraadt zich nog over de wenselijkheid van een inhoudelijke reactie op de uitspraak. De KNB adviseert notarissen de opdracht tot vestiging van een tweede hypotheekrecht zo in te kleden dat die ook omvat het namens de cliënt toestemming vragen aan de eerste hypotheekhouder. Vooralsnog acht het KNB-bestuur het niet nodig een beleidsregel hierover op te stellen omdat de implicaties van de uitspraak duidelijk zijn. 

Toestemming nodig van eerste hypotheekhouder 

In de zaak waar het hof over oordeelde, had een notaris een hypotheekakte gepasseerd waarin de (standaard)bepaling stond dat bij vestiging van een opvolgende hypotheek op dezelfde onroerende zaak toestemming nodig was van de hypotheekbank. Een paar maanden later vestigde dezelfde notaris een tweede hypotheek op dezelfde onroerende zaak zonder toestemming van de eerste hypotheekhouder. De eerste hypotheekhouder diende hiervoor een klacht in tegen de notaris. 

Notaris moet dienst weigeren 

Het hof vindt dat de notaris niet aan de vestiging van de tweede hypotheek had mogen meewerken, zonder dat de cliënt toestemming aan de eerste hypotheekhouder had gevraagd. Volgens het hof mag een notaris die toestemming in verband met zijn geheimhoudingsplicht niet zelf vragen. De informatie dat de cliënt een tweede hypotheekrecht wil vestigen, is namelijk vóór de totstandkoming van het hypotheekrecht nog niet openbaar.
Regelt een cliënt de toestemming niet, dan kan de notaris niets anders dan zijn dienst weigeren. Verder bepaalt het hof dat een mondelinge mededeling van een cliënt dat toestemming is verleend, niet voldoende is. De notaris moet een bewijs van de verleende toestemming in zijn dossier hebben. 

Helaas betekent dit een verzwaring van de werkzaamheden. Uit praktische overwegingen lijkt het handig om de notaris of de tussenpersoon de opdracht mee te geven om de toestemming namens de klant aan te vragen. Onze ingangen zijn immers vaak beter dan die van de klant zelf.

Of er extra (notaris)kosten met deze toestemmingsverzoeken gemoeid zullen zijn, is nog niet bekend.

 

Bel voor een geheel vrijblijvende afspraak 0578-678100 of bezoek ons kantoor aan de Stationsstraat 6 te Epe.